Paula’s column

19 maart 2026

Leestijd: 2,5 minuten

Hoe is het met je dochter?

‘Mijn dochter? Uhm… ja, goed,’ bracht de captain uit. Hij draaide langzaam rond in het rokershok en trok wat zenuwachtig aan zijn sigaret. Je zag hem denken. Hij voelde zich steeds lulliger, omdat voor hem de herkenning duidelijk uitbleef.

‘Je dochter is toch van school gewisseld?’ zei ik. ‘Ja… maar dat is acht maanden geleden,’ antwoordde hij voorzichtig.

‘Klopt,’ zei ik. ‘We waren pasta aan het eten in Florence. Bij die zaak in dat ene steegje. Zo’n plek die inmiddels volledig is uitgewoond door KLC, maar waar het eten nog steeds fantastisch is. Waar Mario van de plaatselijke slager elke ochtend staand zijn espresso drinkt en een omaatje het deeg nog met de hand staat te kneden. Op dat terras vertelde je, ergens na het eten, over de moeilijkheden van je dochter. Ze werd gepest en je vond weinig steun bij de schooldirectie.’

Hij keek me verwonderd aan. Waarom onthield ík dit soort dingen? En belangrijker: wat moest hij nu wel niet van mij denken?

Ik had het oprecht ervaren als een droompairing. We hadden gelachen op dat terras in die steeg, een glas gedronken en mooie gesprekken gevoerd met z’n vieren. Dat kon ook op een beuker van een vierdaagse met overal veel tijd. Wijn en pasta in Florence, hiken in Kristiansand, tapas in Bilbao. Bij het afscheid hadden elkaar geknuffeld voor het vaderland en deze man had nu werkelijk geen idee meer wie ik was.

En dit is iets wat nauwelijks uit te leggen is aan mensen die niet vliegen: je wordt vrienden voor het leven, voor vier dagen. Je bespreekt allerlei persoonlijke zaken, neemt afscheid en ziet elkaar misschien nooit meer.

De captain nam nog een hijs van zijn sigaret. ‘Jezus… het begint me weer te dagen… Paula was het toch? Maar even serieus, hoe weet jij dit allemaal nog?!’ Tja. Geen idee. Ik weet niet hoe lang je sperziebonen moet koken, vergeet door groepsdruk soms mijn eigen commando tijdens de preflight briefing, maar dit soort onzinnige informatie sla ik blijkbaar ergens op.

Blame the ADHD

Door mijn laat ontdekte ADHD onthoud ik dus vaak niet-boeiende dingen opvallend goed. Iemands vreemde hobby. De prachtige naam van een dochter. Of een mooi verhaal van een eerste ontmoeting.

Zo werd ik op een warme nazomerdag in Bordeaux door een van mijn lievelingscaptains meegenomen op reis naar zijn aanzoek. We hadden een heerlijk terras gevonden in het midden van de stad. De glazen rosé stonden te pronken op tafel en de tapasplank was goed gevuld met lekkere hapjes. Hij was al 10 jaar samen met de liefde van zijn leven. ‘Zij is oprecht de leukste’ sprak hij me toe. Bij het tonen van zijn prachtige gezin glunderden zijn ogen. Twee knappe kereltjes met blonde krullen staarde me aan. Helaas kon hij “ zijn meissie” nog steeds niet aanspreken als zijn vrouw. Iets waar vooral zij moeite mee had.

Voor hem hoefde dat label niet zo. Hij was gelukkig, zag de meerwaarde niet. Tot zijn oma overleed. Op haar sterfbed schonk ze hem haar trouwring. Voor die ene speciale, had ze hem toegefluisterd.

En ineens viel alles op zijn plek. Tijdens een vakantie naar het hoge noorden, waar ze genoten van elkaar en van het Noorderlicht, gooide hij zichzelf hij op één knie in de sneeuw. Foto’s van het aanzoek gingen die middag rond op het terras in Bordeaux. Hij straalde toen hij vertelde dat ze een half jaar later zouden trouwen, in hun geliefde Lapland.

Een jaar later stond de beste man weer op mijn rooster en ik kon alleen maar denken aan zijn prachtige verhaal. Na een dikke knuffel kon ik mezelf niet bedwingen en vroeg hem naar de foto’s van zijn droomhuwelijk. ‘Paul, wat leuk dat je dit nog weet!’

Tja. Blame the ADHD, vriend.

Paula van den Berg