Paula’s column juni 2026
Leestijd: >2 minuten
You have a body in there?
Door mijn half jaar high school op mijn achttiende ken ik de Amerikaanse mentaliteit maar al te goed. Amerikanen zijn, vind ik, de leukste om mee te dollen. Ze houden van een praatje, waarderen een grap en gaan goed op onze directheid.
Prethoofd
Het leukste stel kwam uit Florence en was op weg naar huis. Soms heb je passagiers die je bij binnenkomst al “pakken”: ze maken een opmerking en er is meteen een band. De man had de grootste boevenkop die je je kunt voorstellen, een echt prethoofd met een stel iets té witte neptanden.
Bij binnenkomst kreeg ik de gebruikelijke ‘How are you?’, gevolgd door de vraag of er nog een mogelijkheid was om naast zijn vrouw te zitten. Hij was te laat met het boeken van stoelen en ze zaten nu ver uit elkaar. Mijn reactie: ‘Are you sure? I’m guessing you have a long day together. Maybe you want to enjoy some me-time‘. Hij keek me aan, zag mijn glimlach en moest hard lachen. Ik bood hem een plek naast haar aan op rij twee. Die kans greep hij met beide handen aan.
Nieuwe vriend
Tijdens het secure maken viel mijn oog op zijn grote handbagagekoffer. Mijn nieuwe vriend, Sean, was al wat ouder, dus ik hielp hem met het opbergen. De koffer was zwaar, en voor ik het wist zei ik: ‘You have a body in there?’ Sean schoot in de lach, gaf me een knipoog, leunde naar me toe en fluisterde: ‘My mother-in-law’.
De toon was gezet. Wat een feest, zulke passagiers. Sean en Nancy waren onderweg naar huis, naar hun boerderij in Kentucky. Ze hadden een paar maanden door Europa gereisd. Zonverbrand, maar hun Hoka’s nog steeds spierwit.
Ze hadden hun hele leven hard gewerkt, overal ter wereld gewoond, waren 45 jaar samen, hadden drie kinderen en inmiddels zes kleinkinderen. Ze waren verliefd geworden tijdens hun senior year. ‘She walked in with her long blonde hair and those stunning blue eyes. Everybody had a crush on her, but she ended up with me,’ vertelde Sean glunderend. ‘And still to this day, I don’t have any regrets,’ vulde Nancy aan.
Living the dream
Ze hadden pizza gegeten in Florence, wijn tours gedaan in Frankrijk, verwonderd rondgelopen in Auschwitz en tapas gegeten in de Spaanse zon, oftewel ze hadden geleefd.
Toen vertelde Sean dat hij kanker had. In de zomer van 2024 kwam de klap, er werd een tumor in zijn hoofd gevonden. De arts gaf hem zes maanden. ‘We have been travelling ever since,’ zei Nancy.
Hun zoon geboren in Hongkong, hun dochters in New Delhi. Trots lieten ze foto’s zien van hun familie. Sean vroeg, via een kleine omweg, naar mijn thuissituatie.
‘No, no kids and no desire to have them,’ zei ik. ‘Good for you,’ zei Nancy. ‘I love them to death and wouldn’t want to miss them, but my life would have been awesome without them too.’
We spraken over verschillen tussen Amerikanen en Nederlanders, en kort over de actualiteit. Na de service, nog een fles champagne en een laatste babbeltje, was het toch echt tijd om afscheid te nemen.
Ik hielp Sean met het uit de bagagebak tillen van zijn “schoonmoeder” en kreeg een klopje op mijn schouder van mijn nieuwe vriend. ‘Life is too short and too fragile not to wander,’ zei hij. ‘All the best to you. You’re an amazing flight attendant.’
En soms, heel soms, is het jammer dat ik niet weet hoe het nu met hem gaat. Maar ik hoop dat hij weet dat hij mijn dag een stuk mooier heeft gemaakt.

Paula van den Berg
VNC Columniste









